Groene leefomgeving

Alle sportvelden, perkjes, natuurgebieden, plantsoenen, parken en tuinen behoren tot het groen in uw leefomgeving. In dit thema kijken we vooral naar het groen in de buurt. Dit kan zowel in de stad zijn, in een dorp, in agrarisch gebied of in een buitenwijk. Een groene leefomgeving is van belang voor ontspanning, om in te wandelen of fietsen, spelen, sporten of andere mensen te ontmoeten. Het is daarom belangrijk om parken, speelveldjes en plantsoenen in de buurt te hebben, die gemakkelijk te bereiken zijn. Door de bomen, struiken en lage vegetatie kaart te combineren, krijgt u een compleet beeld waar in uw buurt groen te vinden is.

Beschikbaarheid van groen

Voor het dagelijks gebruik van groen (spelen, luieren en sporten) zijn openbare groengebieden (parken, bossen, natuurgebieden en dagrecreatieve terreinen) binnen een afstand van 500 meter van de woning van belang. Recent Europees onderzoek adviseert zelfs een maximale afstand van 300 meter tot stedelijke groen met een minimale afmeting van 1 hectare. Het richtgetal dat het Rijk in de Nota Ruimte aan gemeenten meegeeft voor nieuwbouwlocaties is 75 m2 groen per woning.

De beschikbaarheid van groen in de omgeving verschilt sterk per regio. In Friesland en Zeeland, het rivierengebied, Noord- en Zuid-Limburg is de afstand tot openbaar groen groter dan het landelijk gemiddelde. Flevoland, Rotterdam, de Veluwe en grote delen van Noord-Holland scoren juist beter dan gemiddeld. De gemiddelde afstand naar het dichtstbijzijnde park of plantsoen is 1 kilometer. Dit kan een park of plantsoen zijn, maar ook een open natuurlijk terrein of een bos.

In de grote gemeenten in het Westen zoals in Amsterdam en Den Haag bestaat een tekort aan wandel-en fietsmogelijkheden. Van alle gemeenten in Nederland heeft in 2016, 25% een tekort aan wandelmogelijkheden en 14% een tekort aan fietsmogelijkheden. (bron: Compendium voor de leefomgeving)

Laatst bewerkt 25 juli 2017

Een groene leefomgeving maakt het wonen in die omgeving aantrekkelijker. Een rij bomen in een straat, vrolijke bloemenperkjes in een wijk of een mooi park in een drukke stad bieden een fijnere aanblik dan alleen een kale omgeving met slechts stenen gebouwen. Maar niet alleen is het aantrekkelijker om in groenere omgevingen te leven, het is ook gezonder.

Waar, wat voor soort groen en gezondheidswinst voor wie?

Mensen in een groene woonomgeving voelen zich gezonder, blijkt uit grootschalig onderzoek naar de gezondheidsbeleving van zo'n kwart miljoen Nederlanders. Dit geldt zowel voor stedelijke gebieden als voor plattelandsgebieden. Ook is zowel agrarisch groen als stedelijk groen positief gerelateerd aan de gezondheid van mensen. De relatie tussen de hoeveelheid groen in de woonomgeving en gezondheid is iets sterker voor mensen met een lage sociaal-economische status in vergelijking met mensen met een hoge sociaal-economische status en voor jongeren en ouderen in vergelijking met volwassenen in de leeftijd tussen 25 en 64 jaar (Vitamine G-onderzoek 2006).

Minder gezondheidsklachten, angststoornissen en depressie in groene omgeving

Mensen in een groene omgeving voelen zich niet alleen gezonder, ze zijn het ook. Onderzoek naar 345.000 Nederlanders wijst uit dat mensen die in een groene omgeving wonen, minder vaak met gezondheidsklachten bij de huisarts melden. Ook komen angststoornissen en depressie minder vaak voor. Zo is de kans op een depressie 1,33 keer zo groot in buurten met weinig groen als in buurten met veel groen.

Kwaliteit groen van belang

Mensen hebben minder acute gezondheidsgerelateerde klachten en ervaren een betere algemene en geestelijke gezondheid als zij in een buurt wonen waarin een hoge kwantiteit van groen wordt gecombineerd met een hoge kwaliteit van groen. (Vitamine G-onderzoek en recent onderzoek). Om een optimale gezondheidswinst te behalen, moeten naast groennormen dus ook criteria voor de kwaliteit van groen worden gesteld.  

Beweging speelt alleen rol voor adolescenten

Opvallend is dat mensen in een groene buurt niet meer bewegen dan mensen in een minder groene buurt (Vitamine G-onderzoek en vervolgonderzoek Vitamine G2). Mensen in een groene omgeving halen de Nederlandse Norm voor Gezond Bewegen net zo vaak als mensen uit minder groene omgevingen. Dit heeft mogelijk te maken met de hoge dichtheid van sportfaciliteiten en de veilige wandel- en fietspaden in Nederland. Wel bleken adolescenten met een leeftijd tussen 12 en 17 jaar met meer groen in hun woonomgeving vaker te voldoen aan de beweegnorm.

Meer ‘wij-gevoel' in groene buurten

Sociale cohesie speelt wél een belangrijke rol in het verklaren van de relatie tussen groen en gezondheid. Mensen in een groene woonomgeving blijken niet meer contact te hebben met hun buurtgenoten dan mensen in een minder groene omgeving, wel voelen zij zich minder eenzaam en ervaren zij minder vaak een tekort aan sociale steun. En mensen met een gebrek aan sociale contacten en steun hebben een slechtere algemene gezondheid, meer gezondheidsklachten en een slechtere geestelijke gezondheid. Ook hebben groene omgevingen een stressverlagend effect (zie de tab Gezondheid bij natuur).

Lessen voor beleid: vergroten van de gezondheidsfunctie van groen

De lessen die we uit onderzoek kunnen leren, is dat de grootste meerwaarde van groen voor de gezondheid ligt in het verminderen van stress en het bevorderen van sociale cohesie in de buurt. Maatregelen om de gezondheidsfunctie van groen te vergroten, zouden dus vooral gericht moeten zijn op deze mechanismen. Bijvoorbeeld door bankjes onder bomen neer te zetten of door evenementen in het buurtpark te organiseren, zoals een buurtbarbeque. Maar ook door bij de inrichting van de leefomgeving niet alleen te kijken naar de minimale normen van buurtgroen, maar ook de kwaliteit van de groene ruimte mee te laten wegen.

Vervolgonderzoek

Onderzoekers van de Wageningen U&R gaan de relatie tussen natuur en gezondheid daarom nader onderzoeken en verkennen binnen het dossier Effect van natuur op gezondheid.

laatst bewerkt 28 juli 2017

Rijksoverheid

Bij het natuurbeleid is de Rijksoverheid verantwoordelijk voor de kaders en ambities. In 2011 zijn veel verantwoordelijkheden van het natuurbeleid overgedragen aan de provincies. Dit is vastgelegd in het ‘onderhandelingsakkoord decentralisatie natuurbeleid'. Over de hoofdlijnen van dit beleid en de financiering werd in september 2013 een Natuurpact gesloten met het rijk en maatschappelijke organisaties.

Provincies

Provincies zorgen voor het groen om de steden en dorpen. Provincies voeren het landschapsbeleid uit. Het is hun taak om te zorgen voor voldoende groene ruimte in en rondom de steden. Dit betekent onder andere het beheer en verbinden van natuurgebieden, in standhouden van bossen, beschermen van de flora en fauna en investeren in een duurzame landbouw.

Gemeenten

Gemeenten zijn verantwoordelijk voor de aanleg van en het onderhoud aan al het openbaar groen in de steden en dorpen. Hieronder vallen de plantsoenen, openbare groenstroken, groenbakken (kijkgroen), bermen, parken, maar ook vijvers, sloten en waterpartijen. Een aantal gemeenten heeft  een subsidieregeling ingesteld voor huiseigenaren om groene daken aan te leggen. Gemeenten werken ook samen aan beleid voor groendaken in de Greendeal Groene Daken.

Burgerparticipatie

Een vernieuwende aanpak in beheer van openbaar groen is doormiddel van burgerparticipatie. Bewoners en buurten onderhouden gemeentegroen.  Deze vorm van groenbeheer draagt bij aan sociale cohesie en aan de ontwikkeling van een eigen identiteit van de straat en de buurt.

Laatst bewerkt 25 juli 2017

Vergroen uw tuin, balkon of straat

Als buurtbewoner kunt u zelf bijdragen aan het vergroenen van de leefomgeving. Begin bij uw eigen tuin. Met minder stenen en meer groen zult u bijen, vlinders en vogels aantrekken; de wateroverlast verminderen; bijdragen aan verkoeling en de uitstraling van de buurt verbeteren. Bij Operatie Steenbreek vindt u informatie en advies over een natuurvriendelijke tuin.
Heeft u geen tuin? Maak dan een geveltuintje, een begroeide boomspiegel of vergroen uw balkon. Zo ziet uw straat er een stuk groener en gezelliger uit.

Activiteiten in het groen

In Nederland zijn er veel initiatieven in de natuur en in de groene leefomgeving die de fysieke, mentale en sociale gezondheid van mensen bevorderen. Het online platform Beter in het Groen ontsluit deze initiatieven voor burgers en professionals. Op beterinhetgroen.nl kunnen bezoekers op postcode of plaatsnaam zoeken naar deze initiatieven in het aanbod in de buurt. Het aanbod varieert van wandelcoaching, runningtherapie,  wijkgezondheidstuinen tot beweegprogramma's in het bos. Beter in het groen maakt het aanbod beter vindbaar voor potentiële deelnemers, maar ook voor scholen, mantelzorgers, artsen, verpleegkundigen en andere verwijzende gezondheidsprofessionals.

Inspraak bij gemeenten

Inspraak betekent dat inwoners van een gemeente hun mening kunnen geven over een plan. De inspraak kan schriftelijk worden geregeld, maar ook mondeling, bijvoorbeeld door een hoorzitting. Zo kunt u ook over ruimtelijke (groen) plannen met uw gemeente in gesprek gaan. De ruimtelijke plannen worden openbaar gemaakt via de gemeentekrant of u kunt ze bekijken op ruimtelijke plannen.nl
In een aantal steden en gemeenten kunt u ook aansluiten bij buurtraden of wijkcommissies die gevraagd en ongevraagd advies geven aan de gemeente. Door middel van het burgerinitiatief kunt u een onderwerp of voorstel op de agenda van de gemeenteraad plaatsen.

Klachten of verzoeken over het groen?
Heeft u een klacht of verzoek over het onderhoud of de kwaliteit van het openbaar groen? Neem contact op met uw gemeente of geef uw melding door op Verbeter de buurt.

Wat kunt u als gemeente doen?

Als gemeente kunt u ervoor kiezen om te zorgen voor voldoende groen bij de inrichting van straten en buurten. Het al bestaande groen kunt u op natuurlijke wijze beheren. Meer informatie hierover vindt u op Atlas Natuurlijk Kapitaal Ontwerp en aanleg van groen in de stad en Beheer van groen in de stad. Ook op de Gezondontwerpwijzer vindt u inspirerende ideeën. Bij het maken van plannen en beheer van groen is het belangrijk om de buurtbewoners te betrekken. Dit kan bijvoorbeeld door georganiseerde overleggen, burgerpanels of digitale consultatierondes.  Ook kunt u gebruik maken van het activiteitenpakket van Operatie Steenbreek. Bij de Wageningen Universiteit  kunt u kennis delen met de Leergemeenschap groene Burgerparticipatie.

Met het verstrekken van subsidies kunt u de aanleg van groene daken en geveltuinen stimuleren.

Laatst bewerkt 28 juli 2017