Gezondheid

Gezonde of ongezonde leefomgeving

De kwaliteit van de leefomgeving in Nederland is sinds 1990 verbeterd, mede dankzij het gevoerde beleid. Zo zijn de lucht en het oppervlaktewater schoner geworden en is de blootstelling aan bodemvervuiling verminderd. Ook maatregelen ter bestrijding van legionella, een verbod op asbest en milieueisen aan producten (o.a. aan spaanplaat, motoren, banden en brandstof) zijn succesvol gebleken.

Maar er zijn nog steeds milieufactoren die schadelijk zijn voor de gezondheid. Door bijvoorbeeld luchtverontreiniging, geluid en een ongezond binnenmilieu kunt u gezondheidsklachten krijgen, ziek worden of eerder overlijden. Dit hangt af van de schadelijkheid van de milieufactor, aan hoeveel u wordt blootgesteld en van persoonlijke factoren.


Leefomgeving en levensfasen

De manier waarop de leefomgeving invloed heeft op de gezondheid is niet voor iedereen en niet in elke levensfase hetzelfde. Dit komt niet alleen doordat (groepen) mensen verschillen in blootstelling en gevoeligheid, maar ook omdat er verschil is in de mogelijkheid om risico's te vermijden of zich ertegen te beschermen. In sommige levensfasen zijn mensen gevoeliger voor de gezondheidseffecten van bepaalde omgevingsinvloeden dan in andere. Kinderen, bijvoorbeeld, zijn nog aan het groeien en ontwikkelen en zijn daardoor kwetsbaarder dan volwassenen. Zo zijn kinderen gevoeliger voor geluid dan ouderen, omdat zij in een levensfase zitten waarin hun denken zich ontwikkelt. Door dagelijkse blootstelling aan geluid kunnen zij een leerachterstand oplopen die later moeilijk in te halen is. Ook kan het buitenspeelgedrag van kinderen leiden tot hogere blootstellingen aan bepaalde (chemische) stoffen. De inrichting van de leefomgeving is ook mede bepalend voor de gezondheid. Zo zijn er meer ongelukken onder ouderen door ongelijke voetpaden.

Relatief nieuw is de term 'gezonde levensloop' wat betekent dat iemand veel of alle fasen van zijn leven in goede gezondheid en welbevinden doorbrengt.


Groen in de buurt, kansen en risico's

De leefomgeving biedt ook mogelijkheden om te bewegen, spelen of andere mensen te ontmoeten. Groen en natuur in de buurt is belangrijk om te ontspannen en bij te komen van de dagelijkse stress. Maar planten of dieren kunnen ook allergieën veroorzaken en infectieziekten overdragen. In de Atlas Leefomgeving vindt u informatie over omgevingsgebonden (infectie)ziekten zoals Q-koorts en de ziekte van Lyme. Informatie over overige (infectie)ziekten kunt u vinden bij het Centrum voor Infectieziektebestrijding (RIVM) en het de website Volksgezondheidenzorg van het RIVM.

De gezondheidsrisico's van lucht, geluid, bodem, water en groen staan bij de betreffende thema's beschreven. Op deze pagina vindt u algemene informatie over de invloed van de leefomgeving op de gezondheid.

laatst bewerkt 23 november 2015

Invloed leefomgeving op gezondheid

Volgens recente schattingen is ruwweg 3-7% van de ziektelast in Nederland toe te schrijven aan de leefomgeving. Luchtverontreiniging en geluid zijn de belangrijkste veroorzakers van gezondheidsklachten. De invloed van onze leefomgeving op de gezondheid is beperkt, in vergelijking met andere factoren, zoals roken, onvoldoende lichaamsbeweging, alcoholgebruik en overgewicht. Toch zijn gezondheidsrisico's door een slecht milieu niet te verwaarlozen. Nieuwe en persistente problemen, zoals klimaatverandering en verkeersdruk, vragen om blijvende aandacht. Ook de manier waarop wij onze leefomgeving beleven heeft invloed op onze gezondheid. Denk aan stress of negatieve gevoelens door bijvoorbeeld geluidshinder.

De leefomgeving heeft ook indirect invloed op gezondheid. De leefomgeving kan gezond gedrag uitlokken door bijvoorbeeld speel- en ontmoetingsplekken en wandelen, fietsen of sporten mogelijk te maken. Informatie over het gezond ontwerpen en inrichten van de leefomgeving kunt u vinden in de GezondOntwerpWijzer.

Onderstaande infographic benoemt een aantal verschillende factoren die bijdragen aan de totale ziektelast (dat is de hoeveelheid gezondheidsverlies die wordt veroorzaakt door ziekten). Het gaat hier om (in meerdere of mindere mate) beïnvloedbare factoren.

Belangrijkste ziekteklachten in relatie tot de leefomgeving

  • Verergering van klachten van aandoeningen zoals astma, chronische bronchitis en hart- en vaatziekten door bijvoorbeeld luchtverontreiniging;
  • Ernstige hinder, slaapverstoring, verminderd concentratievermogen en belemmering van dagelijkse bezigheden door geluid.
     

Stress en bezorgdheid

Milieufactoren kunnen naast gezondheidsklachten ook stress en bezorgdheid tot gevolg hebben. Bezorgdheid is de meest gemelde klacht bij GGD'en (29%) in de periode 2009-2010. De meeste klachten die burgers melden gaan over het binnenmilieu. Grootste boosdoeners zijn schimmels, vocht, plaagdieren en gebrekkige ventilatie. Men is vaak bezorgd over het gezondheidsrisico van asbest en schimmels. Het gebrek aan controle dat men heeft over deze risico's speelt hierbij een belangrijke rol. Lees meer hierover in het Compendium voor de Leefomgeving.


Kwetsbare groepen

Niet iedereen is even gevoelig voor schadelijke milieufactoren. Kinderen, ouderen, chronisch zieken en zwangeren behoren tot de zogenaamde kwetsbare groepen. Bovendien zijn gezondheid en ziekte niet gelijk verdeeld over verschillende bevolkingsgroepen en buurten in Nederland. Meer hierover kunt u vinden op de website Volksgezondheidenzorg van het RIVM en in de Leidraad voor identificatie en bescherming van hoogrisicogroepen van de Gezondheidsraad.

laatst bewerkt 23 november 2015

Gezondheid als integraal onderdeel van beleid

Daar waar beleidsmakers de afgelopen decennia vooral naar binnen gericht waren in hun eigen kennisdomein, is de huidige trend om de krachten van zoveel mogelijk domeinen te bundelen. Was de focus in de afgelopen decennia bij leefomgeving en gezondheid veelal sectoraal, zoals bodemvervuiling, drinkwaterkwaliteit of luchtverontreiniging, nu is het belangrijk om gezondheid, milieu en ruimtelijke ordening integraal te beschouwen.

Cruciaal daarbij is om al aan het begin van ontwikkel- en of bouwtrajecten deskundigen uit de stedenbouw, het milieudomein en de gezondheidspreventiehoek aan tafel te zetten. Zodoende kan ook gezondheid een gelijkwaardige plek in het planningsproces krijgen. Iedereen kan zo, nog voordat er een spade in de grond gaat, van elkaars kennis en inzichten profiteren en, ook gezondheidsafwegingen maken. Verschillende initiatieven zoals Platform Gezond Ontwerp en het Kenniscentrum Healthy Urban Living dragen bij aan het vroegtijdig integreren van gezondheid in beleidsplannen.

In het rapport Ruimte en Gezondheid, uit 2015, wordt een verkenning uitgevoerd naar de relatie tussen ruimtelijke ordening en gezondheid vanuit het ruimtelijk, milieu- en gezondheidsdomein.


Gezondheid essentieel onderdeel in Omgevingswet

Deze integrale benadering, waarbij gezondheid als essentieel onderwerp wordt meegenomen, vinden we ook terug in de Omgevingswet. Deze nieuwe wet is medio 2015 door de tweede kamer aangenomen en zal in 2018 in werking treden.  De omgevingswet verplicht Rijk, provincies en gemeenten tot het maken van een omgevingsvisie waarbij ook het belang van een gezonde  leefomgeving moet worden meegewogen. Door amendering is de wet op het terrein van gezondheid concreter aangescherpt. Zo maakt de wet het nu mogelijk om een omgevingsvergunning te weigeren als er naar het oordeel van de gemeente sprake is van bijzondere omstandigheden, die bij vergunningverlening kunnen leiden tot nadelige gevolgen voor de gezondheid.


Nationale aanpak milieu en gezondheid

Naast het reguliere milieubeleid en gezondheidsbeleid heeft de overheid in de periode 2008-2012 de Nationale Aanpak Milieu en Gezondheid (NAMG) uitgevoerd. De NAMG was bedoeld om een aantal uitdagende opgaven op het terrein van milieu en gezondheid te agenderen die nog niet in die samenhang werden opgepakt. Dit gebeurde naast de maatregelen die al genomen worden om de luchtkwaliteit te verbeteren, bodem en water te beschermen, geluidsoverlast  terug te dringen en risico's van gevaarlijke stoffen en straling te beperken.

De NAMG richtte zich op:
  • een gezonder binnenmilieu in gebouwen;
  • gezond ontwerp en inrichting van de leefomgeving en gezonde mobiliteit;
  • goede informatievoorziening over de leefomgeving;
  • signaleren en volgen van milieu- en gezondheidsproblemen.

Op initiatief van het Rijk zijn de betrokken partijen, variërend van overheden, uitvoeringsorganisaties en (semi)publieke organisaties als woningcorporaties en scholen, tot kennisinstituten, belangenorganisaties en bedrijven, bij elkaar gebracht. Zij zijn er onder regie van de NAMG in geslaagd verantwoordelijkheden en acties te benoemen en deze in gang te zetten.

Dit heeft o.a. geresulteerd in:

  • verbetering van het binnenmilieu bij circa 4300 scholen;
  • een website (GezondOntwerpWijzer) waarin themagewijs de bestaande kennis en informatie uit de verschillende kennisdomeinen is samengebracht;
  • deze website, de "Atlas Leefomgeving", die overheidskaarten en informatie over de leefomgeving en gezondheid op één plek ontsluit.

Veel acties uit de NAMG lopen de komende jaren door, met betrokkenheid van het Rijk. In de kamerbrief Afronding nationale Aanpak Milieu en Gezondheid staat hier meer over.

laatst bewerkt 27 november 2015

Tips voor het gezonder maken van uw leefomgeving

Wilt u meer groen of speelmogelijkheden in de buurt? Kijk dan eens op de GezondOntwerpWijzer voor leuke voorbeelden en tips hoe u een groen of speelproject kunt opstarten. Voor vragen over gezondheid en een gezonde leefomgeving kunt u altijd terecht bij een GGD bij u in de buurt.


Hulpmiddelen voor beoordelen van gezondheidseffecten

Er zijn verschillende instrumenten om de positieve en negatieve gezondheidsgevolgen van beleid of (ruimtelijke) plannen te kunnen beoordelen en evalueren.

Met behulp van vragenlijsten en checklists kan een kwalitatieve schatting verkregen worden. Bij een kwantitatieve schatting wordt berekend wat het verwachte aantal (extra of verminderde) ziekte- of sterfgevallen is. Andere effectmaten zijn bijvoorbeeld het aantal gewonnen (of verloren) levensjaren of de totale ziektelast of ziektekosten in Euro's. Onder het tabblad ‘producten' boven de kolom ‘Meer Weten' aan de rechterzijde, zijn vele publicaties, handleidingen en instrumenten te vinden die voor professionals van nut kunnen zijn.

laatst bewerkt 30 november 2015

Feiten en cijfers

In gemeentelijke gezondheidsprofielen kunnen gemeenten specifieke informatie over de volksgezondheid in hun gemeente vergelijken met het GGD-gemiddelde en met landelijke trends.

Beschrijving van de gezondheidseffecten door milieufactoren in Nederland uit het Compendium voor de Leefomgeving.


Instrumenten

De toolkit gaat over preventie van overlast door eikenprocessierupsen. Hij ondersteunt (communicatie)professionals die werken op het gebied van publiekscommunicatie over milieu en gezondheid.

Dit rapport bevat de achtergronden en de handleiding voor het uitvoeren van een kwantitatieve lokale gezondheidseffectscreening.

In opdracht van de ministeries van Volksgezondheid, Welzijn en Sport en Infrastructuur en Milieu is de Gezondheidseffectscreening (GES) ontwikkeld, een kwantitatieve methodiek om lokale gezondheidseffecten van stedelijke ontwikkelingsprojecten zichtbaar te maken. GES is een succesvol screeningsinstrument om inzicht te krijgen in de gezondheidsaspecten van ruimtelijke planvorming. Voortschrijdend inzicht en ervaringen met het instrument GES hebben inmiddels geleid tot de voorliggende zesde update (versie 1.6).

In tien stappen naar een beweegvriendelijke omgeving. Veel praktijkvoorbeelden en handige tips voor analyse, plan van aanpak, uitvoering en monitoring.

DYNAMO-HIA kwantificeert de impact van door de gebruiker ingevoerde veranderingen in risicofactoren op meerdere ziekten en op de algehele gezondheid van een bevolking. Dynamo-HIA maakt daarbij gebruik van een referentiescenario om te kunnen vergelijken met één of meer interventies scenario's. DYNAMO-HIA biedt een uitgebreid overzicht van uitkomstmaten - zoals levensverwachting en levensverwachting zonder ziekte of gebrek, en gedetailleerde gegevens zoals prevalentie en sterfte / overleving - naar leeftijd, geslacht en risicofactoren per tijdseenheid. Dynamo-HIA is in potentie een standaardtool voor het beoordelen van gezondheidseffecten op basis van beschikbare epidemiologische data. Het is eenvoudig toegankelijk, werkt ook met bescheiden databestanden en is gebruikersvriendelijk.

De handleiding Gezonde School is bedoeld voor professionals die het primair onderwijs ondersteunen bij het werken aan gezondheidsbevordering. Maar kan ook gebruikt worden voor het voortgezet onderwijs of het middelbaar beroepsonderwijs.

De handreiking is gemaakt door het Centrum Gezond Leven van het RIVM. Centrum Gezond Leven en partners versterken samenhangende en effectieve lokale gezondheidsbevordering en geven een impuls aan de gezonde leefstijl van jongeren.


Het beoordelingskader gezondheid en milieu is een methode voor het integraal beschrijven en vergelijken van milieuproblemen met veronderstelde of bewezen gezondheidseffecten.

Naast ernst en omvang van gezondheidseffecten, gaat het ook om risicoperceptie, kosten-baten analyses en handhavingsaspecten.

Het Beoordelingskader Gezondheid en Milieu is bedoeld om beleidsafwegingen te maken, met name op landelijk en provinciaal niveau, maar ook bruikbaar bij beleidsvorming van gemeentes en semi-overheden/ nutsbedrijven.

In de Interventiedatabase van het Centrum Gezond Leven vindt u actuele leefstijlinterventies die in Nederland beschikbaar zijn.

Het Centrum Gezond Leven stimuleert het gebruik van best passende leefstijlinterventies o.a. door interventies inzichtelijk te presenteren en kennis te delen over kwaliteit en samenhang. Centrum Gezond Leven is onderdeel van het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) in Bilthoven.

Publicaties

Factsheet van GGD NL waarin GESmethode wordt beschreven.

Een verkenning naar de relatie tussen ruimtelijke ordening en gezondheid vanuit het ruimtelijke, milieu- en volksgezondheidsdomein. Rapport van het RIVM uit 2015

In hoofdstuk 7 van dit rapport, uit 2014, leest u alles over de gezondheidseffectschattingen.

De speerpunten van de NAMG waren binnenmilieu, gezond ontwerp van de leefomgeving, informatievoorziening aan burgers (Atlas Leefomgeving) en het signaleren van risico's op het gebied van milieu en gezondheid. Een terugblik van het RIVM laat zien dat de bewustwording voor de genoemde onderwerpen door de NAMG is vergroot en de samenwerking tussen de verantwoordelijke partijen is gestimuleerd.

 


De speerpunten van de NAMG waren binnenmilieu, gezond ontwerp van de leefomgeving, informatievoorziening aan burgers (Atlas Leefomgeving) en het signaleren van risico's op het gebied van milieu en gezondheid. Deze terugblik van het RIVM laat zien dat de bewustwording voor de genoemde onderwerpen door de NAMG is vergroot en de samenwerking tussen de verantwoordelijke partijen is gestimuleerd.

Dit is een verkenning naar de relatie tussen ruimtelijke ordening en gezondheid vanuit het ruimtelijk, milieu- en volksgezondheidsdomein.

Voor een slimme en gezonde ruimtelijke inrichting is een goede samenwerking nodig tussen professionals uit de 'domeinen' van het ruimtelijk ontwerp, het milieu en de volksgezondheid. Bij alle drie is een accentverschuiving te zien van maatregelen die risico's beperken (gezondheidsbescherming) naar maatregelen die mensen aanzetten tot gezond gedrag (gezondheidsbevordering). Een andere ontwikkeling is die van een landelijk aangestuurd beleid (top- down) naar een actieve rol van mensen om meer regie op hun gezondheid en leefomgeving te krijgen (bottom-up).

Het rapport is in de eerste plaats bedoeld voor professionals die aan de slag zijn of willen met de gezonde inrichting van de leefomgeving.

Deze verkenning is uitgevoerd door het RIVM in samenwerking met TU Eindhoven voor het Planbureau van de Leefomgeving.


Dit rapport bevat een update van vorige milieugerelateerde ziektelasten (EBD), een beschrijving van relevante milieufactoren en een geharmoniseerde EBD-methodiek. In het EBoDe project is de milieugerelateerde ziektelast van negen factoren (benzeen , dioxines, passief roken (door niet-rokers), formaldehyde , lood, verkeerslawaai, ozon , fijn stof ( PM2 0,5 ) en radon) in zes landen (België , Finland , Frankrijk , Duitsland , Italië en Nederland) beoordeeld.

Milieufactoren hebben verschillende effecten op de gezondheid. De milieugerelateerde ziektelast wordt uitgedrukt in Disability Adjusted Life Years ( DALY's), een maat die het mogelijk maakt om de invloed van verschillende milieufactoren op de gezondheid te vergelijken. Hierdoor krijgen beleidsmakers inzicht in de gezondheidswinst van specifieke beleidsmaatregelen.


Elke vier jaar publiceert het RIVM een overzicht van de omvang van ziekte en gezondheid, gezondheidsbeïnvloedende factoren, de gezondheidszorg en het beleid in de Volksgezondheid Toekomstverkenning (VTV).

Betrouwbare informatie over ziekten, gezondheid, zorg en kosten. Gemaakt door experts van binnen en buiten het RIVM.

Brief aan de Tweede Kamer over de Nationale aanpak Milieu en gezondheid 2008-2012.

Advies van de Gezondheidsraad dat is aangeboden aan de minister van VWS en de staatssecretaris van Infrastructuur en Milieu.
Bij de ontwikkeling van preventiebeleid op het gebied van milieu, arbeidsomstandigheden of gezondheid, zou consistent en systematisch aandacht moeten zijn voor groepen mensen die een groter risico lopen op ziekte of gezondheidsschade dan gemiddeld (zogenoemde hoogrisicogroepen). Nu verschilt de gevolgde aanpak nogal per beleidsterrein, waardoor willekeur op de loer ligt. Bovendien is voor een goede democratische controle nodig dat de keuze om al dan niet rekening te houden met hoogrisicogroepen expliciet gemaakt wordt, en niet impliciet blijft, zoals nu vaak gebeurt.

Het beoordelingskader gezondheid en milieu is een methode voor het integraal beschrijven en vergelijken van milieuproblemen met veronderstelde of bewezen gezondheidseffecten.

Naast ernst en omvang van gezondheidseffecten, gaat het ook om risicoperceptie, kosten-baten analyses en handhavingsaspecten.

Het Beoordelingskader Gezondheid en Milieu is bedoeld om beleidsafwegingen te maken, met name op landelijk en provinciaal niveau, maar ook bruikbaar bij beleidsvorming van gemeentes en semi-overheden/ nutsbedrijven.