Aanbevelingen

U wilt aan de slag met thema Sport en Spelen? Dan vindt u hier op een rij waar u zoal aan kunt denken.
Voor uw overzicht zijn de aanbevelingen ingedeeld in categorieën: participatie, planvorming, locatiekeuze, inrichting, diversiteit/identiteit, bereikbaarheid/toegankelijkheid, veiligheid/sociale ontmoeting, beheer.
Sommige aanbevelingen zijn speciaal van belang voor kinderen [j], ouderen [o] of werknemers [w]. U ziet dit meteen, omdat een van deze drie letters dan tussen vierkante haken is toegevoegd.

Participatie

  • Betrek naast bewoners en lokale sportverenigingen ook ervaringsdeskundigen als kinderen, jongeren, ouders en opvoeders, bij het aanleggen of herinrichten van sportvoorzieningen en speelruimte. [j]

Terug naar boven

Planvorming

  • Maak in (bestemmings)plannen voldoende ruimte voor sporten en spelen. Doe dit ook als u ruimtelijk beleid ontwikkelt (woningbouw, bedrijfsterreinen, infrastructuur of recreatievoorzieningen) of een programma van eisen opstelt voor een locatie.
  • Ga samen met stedenbouwkundigen en ontwerpers de mogelijkheden na om de sport- en speelsituatie te verbeteren binnen de bestaande structuur. [j]
  • Zorg voor een kindvriendelijke woonomgeving met specifieke speelplekken en bespeelbare openbare ruimte zoals stoepen, muurtjes, palen. [j]

Terug naar boven

Locatiekeuze

  • Ontwikkel openbaar groen, recreatieve voorzieningen, sportvoorzieningen en speelruimte op loop- of fietsafstand van woningen. Combineer voorzieningen, zodat de wijk in elk seizoen aantrekkelijk is.
  • Denk na over de locatie van sportvoorzieningen. Kies een slimme plek ten opzichte van woongebieden en let op een goede bereikbaarheid met de fiets en het openbaar vervoer.
  • Situeer sport- en spelvoorzieningen in de buurt van onderwijsvoorzieningen. Sport, school en naschoolse sportactiviteiten zijn een goede combinatie om de ruimte meervoudig te gebruiken.[j]
  • Realiseer speelplekken op een ‘gezonde' plek: Geen vervuilingsbronnen in de buurt, een schone bodem en een speelplek die keus biedt tussen zon en schaduw. [j]

Terug naar boven

Inrichting

  • Zorg voor brede stoepen en veilige oversteekplaatsen. Vermijd looproutes langs hoogbouw en dichte bebouwing. In 30 kilometergebieden kunnen kinderen vanaf acht jaar zich vrij bewegen. [j]
  • Richt verblijfsgebieden duidelijk, consequent en herkenbaar in. Voor kinderen is het belangrijk om te weten waar ze onbelemmerd kunnen spelen, lopen en fietsen en waar ze op ander verkeer moeten letten. [j]
  • Maak goede en voldoende stallingsmogelijkheden voor fietsen bij sport- en speelvoorzieningen. [j]
  • Zorg bij de inrichting van speelruimte dat het geluid van spelende kinderen en jongeren niet tot overlast leidt.
  • Creëer groene bedrijventerreinen, zodat werknemers meer kunnen bewegen, bijvoorbeeld lunchwandelen of joggen.
  • Kijk ook eens bij het thema Groen en Water om ideeën op te doen voor avontuurlijke speelplaatsen, bijvoorbeeld speel- en klimbomen in de stad.

Terug naar boven

Diversiteit/identiteit

  • Zorg dat wijkbewoners de gymlokalen en sportfaciliteiten bij bedrijven kunnen gebruiken buiten school- en werktijden.
  • Voorzie in de speelbehoefte van verschillende leeftijdsgroepen, van jongens en meisjes en van verschillende nationaliteiten. Zo claimen kinderen boven de tien jaar vaak de grotere speelvelden om te voetballen. Realiseer daarom voor jongere doelgroepen bijvoorbeeld liever twee kleinere speel- en sportplekken dan één grote. [j]
  • Houd rekening met de demografische ontwikkeling van de omgeving. Laat de speelruimte ‘meebewegen' als kinderen de speeltuin ontgroeien. (Bijvoorbeeld een speeltuin veranderen in skatebaan.) Maak speelplekken ‘veranderbaar', zodat ze aangepast kunnen worden aan veranderende behoefte van kinderen aan (speel)voorzieningen, als ze opgroeien. [j]
  • Maak speelruimte toegankelijk, herkenbaar, bereikbaar en veilig en geef duidelijk aan voor welke doelgroep(en) de speelruimte bedoeld is. [j]
  • Beschilder schoolpleinen op kleurrijke wijze en stel het plein ook na schooltijd open voor sport en spel in de wijk. [j]

Terug naar boven

Bereikbaarheid/toegankelijkheid

  • Zorg dat de binnenstad, scholen, bedrijventerreinen, het station, (sport-) voorzieningen en groene gebieden goed en veilig bereikbaar zijn met de fiets, lopend en met het openbaar vervoer. Verbind jeugdbestemmingen in de buurt bijvoorbeeld met een kindlint: Loop- en fietsroutes naar school, speelplekken, de skatebaan, het winkelcentrum, verenigingen en sportvelden. [j]
  • Richt de omgeving van scholen autoluw of autovrij in, want dit bevordert lopen en fietsen van en naar school. [j
  • Leg een netwerk van aantrekkelijke wandelroutes, fietspaden of fietssnelwegen aan en verbeter de kwaliteit van wandel- en fietspaden. Zorg dat de routes uitnodigen tot gebruik.
  • Maak looproutes aantrekkelijk, schoon en obstakelvrij, ook voor ouderen, kinderen en mensen met een functiebeperking. Denk hierbij bijvoorbeeld aan de hoogte van stoepen. [j, o]

Terug naar boven

Veiligheid/sociale ontmoeting

  • Zorg ervoor dat de omgeving van de sportvoorzieningen veilig en aantrekkelijk is.
  • Maak fietspaden, fietssnelwegen en wandelroutes veilig. Zorg voor goede straatverlichting en een veilige locatie/ligging.
  • Maak bij speelruimtes aantrekkelijke zitmogelijkheden voor volwassenen die jonge kinderen in de gaten willen houden. [j]

Terug naar boven

Beheer

  • Laat bij ontwerp en inrichting de toekomstige beheerders meedenken, bijvoorbeeld de gemeentelijke diensten, jeugdwerk, politie en de bewoners.
  • Geef bewoners en gebruikers een vorm van eigenaarschap. Zorg dat ze zich verantwoordelijk gaan voelen voor het beheer.
  • Zorg voor goed onderhoud van sport- en speelvoorzieningen en veiligheid in het groen: Geen ‘enge bosjes', afval, graffiti of hondenpoep. [j]

Terug naar boven