Wanneer was jij voor het laatst buiten in het pikkedonker? Voor veel Nederlanders is echte duisternis zeldzaam geworden. De Nacht van de Nacht op 24 oktober vraagt aandacht voor het belang van duisternis en de gevolgen van lichtvervuiling. Nachtwachter Janna Loot zet zich daar voor in. “De stilte en de rust van de nacht geven ruimte voor de verbeelding, om na te denken, te fantaserenen te voelen."
De liefde voor het donker begon bij Janna al als klein meisje. Als ze niet kon slapen, zei haar moeder: ‘Denk maar aan iets leuks.’ Andere kinderen droomden misschien van paarden of de Efteling, maar Janna dacht aan vleermuizen. Ze vond ze fascinerend: ze konden vliegen, ondersteboven slapen en kwamen tot leven als het nacht werd. Ook het donker zelf vond ze als kind al bijzonder. Die fascinatie is nooit verdwenen. “Ik vind het altijd jammer om te gaan slapen. Het liefst zou ik elke nacht naar buiten gaan. De nacht heeft voor mij iets rustigs en sereens.”
Tijdens de Nacht van de Vleermuis ging Janna mee op een excursie van Staatsbosbeheer in Boswachterij Westerschouwen, het grootste bos van Zeeland. “Zo’n donker bos heeft iets mysterieus. Het donker zet je zintuigen veel meer aan: je ruikt beter en hoort meer. Ik rook de vochtige aarde en hoorde bladeren ritselen in de wind en vogelgeluiden hoog boven mij. Het regende en het waaide hard en daar houden vleermuizen niet zo van. Gelukkig zagen we er toch een paar.”
Wat haar verbaasde, was hoeveel je eigenlijk nog kunt zien in het donker. “We denken dat we licht nodig hebben, maar je kunt prima zien in het donker. Na tien tot vijftien minuten zijn je ogen eraan gewend.”
Terwijl andere kinderen droomden van paarden of de Efteling, dacht Janna aan vleermuizen
Hoe donker is het nog in Zeeland?
We hebben dus veel minder licht nodig dan we denken. Toch wordt het op steeds minder plekken écht donker door al het kunstlicht dat ’s nachts blijft branden. Hoeveel verlichting er eigenlijk is, viel Janna op toen ze op een avond door Goes naar huis fietste. Straatlantaarns, verlichte etalages, bedrijven, huizen en tuinen: overal brandde licht. “Ik dacht echt: het lijkt wel overdag. Dit is helemaal niet nodig.”
Dat Goes relatief veel licht uitstraalt, blijkt ook uit onderzoek van de Natuur- en Milieufederaties uit 2018. Terwijl veel Nederlandse steden donkerder worden, blijven Zeeuwse steden achter. Van de vier onderzochte Zeeuwse steden straalt Goes het meeste licht omhoog.
“Lichtvervuiling is een beetje een ondergeschoven kindje”, vindt Janna. Veel mensen weten volgens haar niet dat kunstlicht het leven van dieren kan verstoren. Vooral over trekvogels maakt ze zich zorgen. De Zeeuwse Delta, met haar slikken, schorren en uitgestrekte wateren, is voor veel vogels een belangrijke tussenstop. Ze zoeken er voedsel en komen op krachten voor het vervolg van hun reis. Maar kunstlicht kan ze uit koers brengen. “Als ze die plekken niet kunnen vinden, kan dat betekenen dat ze hun eindbestemming niet halen.”
Janna zet zich al haar hele werkende leven in voor het welzijn van dieren. Toen ze een oproep zag om Nachtwachter te worden, hoefde ze niet lang na te denken. De Natuur- en Milieufederaties startten dit initiatief tijdens de Nacht van de Nacht in 2025. Nachtwachters zijn vrijwilligers die zich inzetten om onnodige verlichting terug te dringen. Ze gaan bijvoorbeeld in gesprek met bedrijven en gemeenten over mogelijkheden om verlichting te verminderen.
Hoe ver lichtvervuiling reikt, ontdekte Janna tijdens een avondzeiltocht met andere Nachtwachters en geïnteresseerden over de Oosterschelde. Terwijl de zon langzaam onder ging, genoten ze van de rust op het water. Maar toen de duisternis viel, lichtte de horizon op. De gloed van de haven- en industriegebieden rond Rotterdam en Antwerpen was duidelijk zichtbaar. Zelfs midden op het water, op een van de donkerste plekken van Zeeland, was het niet écht donker. “Dan pas valt op hoeveel licht er nog is. Dat vond ik confronterend.”
Zeeland ligt tussen de sterk verlichte gebieden rond Rotterdam en Antwerpen. De lichtgloed uit deze gebieden is tot ver in Zeeland zichtbaar. Klik op de kaart om deze te bekijken
Van bewustwording naar minder verlichting
Samen met haar collega-Nachtwachter Werner Rovers zoekt Janna naar mogelijkheden om onnodige verlichting te verminderen. Daarnaast organiseren ze excursies waarbij mensen zelf kunnen ervaren hoe bijzonder het donker is.
Janna merkt regelmatig dat mensen niet weten welke gevolgen kunstlicht voor de natuur kan hebben. Zo ging ze onlangs naar een gesprek met een kunstenaarscollectief dat lichtkunst maakt. “Wij dachten: 'Zij willen vast meer licht en wij juist minder. Hoe zou dat gesprek verlopen?' Gelukkig bleken de kunstenaars nieuwsgierig naar ons verhaal." Zo wisten ze niet dat het aanlichten van bomen hun natuurlijke ritme kan verstoren. Het voelt dan voor bomen alsof het nog zomer is en daarom houden ze hun bladeren langer vast. Cellen in jonge takken en knoppen kunnen dan bevriezen en dit kan gevolgen hebben voor de groei in het voorjaar. "De kunstenaars stonden open voor onze ideeën. Ook met minder en gerichter licht kun je mooie dingen maken."
In Goes staat een boom op gemeentegrond waarin het hele jaar door, de hele nacht lampjes branden. Janna en Werner vroegen aan de gemeente of dat niet wat minder kon. “Normaal krijgen ze daar vooral klachten over kapotte lantaarnpalen of plekken waar het té donker is. Wij vroegen juist of het licht wat minder kon. Het werd een inspirerend gesprek, ze vonden het leuk dat wij hen uitdaagden om 'andersom' te denken. Met resultaat: de lampjes gingen niet uit, maar branden inmiddels wel minder lang, dankzij een geïnstalleerde tijdschakelaar.”
Toch is het niet altijd gemakkelijk om mensen te overtuigen. Volgens Janna komt dat ook doordat veel mensen de gevolgen van lichtvervuiling niet direct merken. “Daardoor voelt het minder urgent.” Zo benaderden Janna en Werner een winkel waarvan ze dachten dat die wel belangstelling zou hebben. Maar die liet weten niets met hun verzoek te willen doen. Janna laat zich niet ontmoedigen. “Misschien gaan mensen er later alsnog over nadenken. We hebben een doel voor ogen: dat het donkerder wordt. En onderweg naar dat doel doen we hier en daar een lichtje uit. Elk lichtje is er eentje.”
Nederland bij nacht. Links laten satellietbeelden zien hoe Nederland en de omliggende landen oplichten door kunstlicht. Nederland is helaas een van de meest verlichte landen in Europa en dat is duidelijk op de kaart terug te zien. Rechts toont de kaart Hemelhelderheid in de nacht van de Atlas Leefomgeving waar in Nederland het meeste licht wordt uitgestraald. Vooral de Randstad en andere stedelijke gebieden springen eruit
Zijn we het donker ontwend?
Licht geeft ons een gevoel van veiligheid. Zelfs Janna, die zich inzet voor de duisternis, merkte hoe sterk dat gevoel is. Na een poging tot inbraak bij haar thuis wilde ze meteen meer verlichting aanbrengen. Maar toen vroeg ze zich af of dat werkelijk zou helpen. Een inbreker ziet dan ook wat hij doet, bedacht ze. Uiteindelijk koos ze voor andere maatregelen. Janna begrijpt dat mensen zich zonder verlichting onveilig kunnen voelen. “Ik wil dat gevoel echt niet wegwuiven.” Toch vraagt ze zich af of meer licht altijd de oplossing is. “Door onszelf steeds te vertellen dat licht veilig is, zeggen we eigenlijk ook dat het zonder licht onveilig is.”
Volgens Janna zijn we eraan gewend geraakt dat we dankzij kunstlicht tot laat in de avond kunnen doorgaan. Maar daarmee missen we ook iets. “De stilte en de rust van de nacht geven ruimte om na te denken, te fantaseren en te voelen. En dan is er nog de verwondering over de sterrenhemel… De dag is al zo druk. De nacht hoeft toch niet ook zo druk te zijn?” Dat betekent niet dat Janna tegen alle verlichting is. “Ik houd echt van lampjes en lichtjes. Ik kan daar ontzettend van genieten. Maar het moet gewoon uit na tien uur.”
Deze foto namen Janna en Werner langs de Oosterschelde. De lichtvervuiling vanuit de haven en het industrieterrein Vlissingen-Oost is goed te zien.
Een lichtpuntje voor de duisternis
Janna blijft optimistisch. Lichtvervuiling heeft volgens haar één groot voordeel ten opzichte van andere milieuproblemen: je kunt er meteen iets aan doen. “Neem een probleem als PFAS. Zelfs als we vandaag stoppen met lozen, is dat probleem over tien jaar niet opgelost. Bij lichtvervuiling is dat anders. Als je het licht uitdoet, is de lichtvervuiling op die plek meteen weg.” Dat betekent niet dat overal het licht uit moet. “Je kunt bijvoorbeeld een andere kleur licht gebruiken, met minder blauw licht, maar meer amberkleurig. Of een tijdschakelaar installeren, zodat de verlichting niet de hele nacht aanstaat, of licht dat op bewegingssensoren werkt.”
En als Janna één nacht de duisternis helemaal terug zou kunnen brengen naar Nederland, waar zou ze dan het liefst zijn? “In mijn eigen tuin! Als ik op vakantie ben in een land waar het donkerder is dan in Nederland, kijk ik vaak omhoog. Dan denk ik: wauw, wat zijn hier veel sterren! Maar in Nederland hebben we precies dezelfde sterren. Ze zijn er allemaal. Alleen zien we ze niet vanwege de gigantische lichtvervuiling in Nederland. Dat zou ik heel graag in mijn eigen tuin willen meemaken. Gewoon omhoogkijken en de Melkweg kunnen zien. Dat lijkt me echt geweldig.”
Meer weten?
- Lees meer over de Nacht van de Nacht op 24 oktober.
- Wil jij ook helpen om Nederland donkerder te maken? Word nachtwachter! De nieuwe trainingsronde is al gestart, maar je kunt je aanmelden om bericht te krijgen over volgende trainingsrondes. Lees meer op de pagina Nachtwachters.