Beweegvriendelijke omgeving

Bewegen

Bewegen is goed voor de gezondheid. Toch beweegt iets meer dan de helft van de mensen te weinig. Volgens de beweegrichtlijnen zouden volwassenen wekelijks ten minste twee en een half uur matig intensief moeten bewegen, zoals wandelen en fietsen, en kinderen minstens een uur per dag.

We bewegen niet alleen tijdens het sporten, maar ook bij dagelijkse bezigheden. Zoals fietsen naar het werk of naar school, wandelen naar de supermarkt, tuinieren en stofzuigen.

De rol van de openbare ruimte

De manier waarop de ruimte is ingericht kan mensen stimuleren om te gaan bewegen. Met supermarkten en andere voorzieningen in de wijk in plaats van aan de rand van de stad wordt het makkelijker om lopend of fietsend boodschappen te doen. Beleid over verkeer en parkeren kunnen het gebruik van de auto ontmoedigen. Verlichting langs fietsroutes zorgt ervoor dat mensen ook 's avonds vaker de fiets nemen.

Beleidsmakers noemen dit een beweegvriendelijke omgeving. Een beweegvriendelijke omgeving heeft nog meer voordelen, zoals het verbeteren van de sociale samenhang, van prestaties op werk of school, het versterken van de identiteit van de buurt en stad en het vergroten van de participatie van bewoners.


laatst bewerkt 3 mei 2018

De volgende kaart is beschikbaar buiten de Atlas Leefomgeving:

Beweegvriendelijke omgeving per gemeente

Nieuwe richtlijnen

Bewegen is gezond voor alle leeftijdsgroepen. Volgens de beweegrichtlijnen zouden volwassenen wekelijks ten minste twee en een half uur matig intensief moeten bewegen. Matig intensieve activiteiten zijn activiteiten die wel moeite kosten, maar waarbij je gewoon kunt blijven praten. Wandelen, fietsen en rustig zwemmen vallen daar bijvoorbeeld onder. Voor kinderen is de richtlijn dat ze minstens een uur per dag bewegen. Ook worden voor beide groepen spier- en botversterkende activiteiten aanbevolen, zoals kracht- en conditietraining.

Hoe meer hoe beter

Bewegen verlaagt het risico op chronische ziekten als diabetes en hart- en vaatziekten, depressie en -bij ouderen- botbreuken. Hoe meer tijd mensen besteden aan bewegen, hoe gunstiger de effecten. De stap van helemaal niet bewegen naar ‘matig intensief bewegen' levert relatief veel gezondheidswinst. Het inzetten van de ruimtelijke ordening om het bewegen tijdens dagelijkse bezigheden te stimuleren kan daarom veel bijdragen aan een gezonde samenleving.

laatst bewerkt 3 mei 2018

Bewegen in visies en plannen

Het Rijk, provincies en gemeenten maken elk voor hun eigen gebied structuurvisies. Daarin staan de globale plannen die de overheid voor een gebied heeft. Wanneer de Omgevingswet inwerking treedt, worden structuurvisies vervangen door omgevingsvisies. De ene provincie of gemeente besteedt bij deze visies meer aandacht aan een beweegvriendelijke omgeving dan de andere.

De structuurvisies van gemeenten worden concreet gemaakt door aanpassingen in het bestemmingsplan. Gemeenten kunnen daarmee bijvoorbeeld zorgen voor een goede spreiding van voorzieningen zoals scholen en winkels. In mobiliteitsplannen schenken zij aandacht aan het stimuleren van fietsen en wandelen en het ontmoedigen van autogebruik.

Vaak vallen maatregelen om bewegen te stimuleren samen met maatregelen op andere beleidsvelden, zoals het bevorderen van bereikbaarheid, luchtkwaliteit en duurzaamheid. Een voorbeeld hiervan is het ontmoedigen van autogebruik en het stimuleren van wandelen of fietsen.

Leren van elkaar

Er is veel kennis over en ervaring met het beweegvriendelijk inrichten van een gebied. Het Rijk stimuleert het uitwisselen van deze kennis. De Gids gezonde leefomgeving helpt u op weg met het gezond inrichten van de ruimte, inclusief praktijkvoorbeelden. Nog meer praktijkvoorbeelden om uw leefomgeving gezond(er) in te richten vindt u op de GezondOntwerpWijzer.

laatst bewerkt 3 mei 2018

 

Beweegrichtlijn

Bewegen is goed. Meer bewegen is beter. De beweegrichtlijn voor volwassenen en ouderen is als volgt:

  • Doe minstens 150 minuten per week aan matig intensieve inspanning, verspreid over diverse dagen. Langer, vaker en/ of intensiever bewegen geeft extra gezondheidsvoordeel.
  • Doe minstens tweemaal per week spier- en botversterkende activiteiten, voor ouderen gecombineerd met balansoefeningen.

En voor kinderen van 4 tot 18 jaar:

  • Doe minstens elke dag een uur aan matig intensieve inspanning. Langer, vaker en/ of intensiever bewegen geeft extra gezondheidsvoordeel.
  • Doe minstens driemaal per week spier- en botversterkende activiteiten.

Let ook op dat u niet uren achtereen op een bank of stoel zit, bijvoorbeeld als u televisie kijkt of achter de computer zit. Tips om in het dagelijks leven meer te bewegen zijn:

  • Neem de trap in plaats van de lift.
  • Ga lopend naar de brievenbus of naar de winkel.
  • Pak de fiets in plaats van de auto.
  • Stap een halte eerder uit de bus of tram of parkeer uw auto een eindje van de plaats van bestemming.


laatst bewerkt 3 mei 2018